gedrag

Introductie: het kernelement ‘gedrag’

De mens is een fascinerend wezen en met name omdat onze gedragingen zo uiteenlopen. Daarom wordt ‘gedrag’ als eerste kernelement beschreven binnen Personal Body Plan. Binnen alle piramides staat het ‘Doe wat werkt voor jou’-principe centraal, zo ook bij gedrag. Wat werkt voor de ene persoon, kan voor een andere persoon totaal verkeerd uitpakken. Verschillende personen hebben verschillende voorkeuren voor het bewerkstelligen van een gedragsverandering.

Theoretisch kader
Gedragsverandering is één, het creëren van een duurzame gedragsverandering, oftewel gedragsbehoud, is twee. Uit onderzoek blijkt dat er vijf theoretische thema’s zijn die te maken hebben met succesvolle gedragsverandering:

1. Verandering van motieven
2. Zelfregulatie
3. Gewoontes
4. Psychologische en fysieke bronnen
5. Omgevings- en sociale invloeden

Je hebt minstens één duurzame motivator nodig om gedrag te behouden. Als de motivatie afneemt heb je meer zelfregulatie nodig, maar als je gedrag vaker uitvoert is minder zelfregulatie nodig (het wordt een gewoonte). Daarnaast is voor gedragsbehoud een stabiele context belangrijk.

Laag 1: Bewustwording
Bewust zijn van je eigen gedrag klinkt wellicht simpel. Jij kent jezelf toch als beste? Echter is dit helaas niet zo eenvoudig. Bepaald gedrag dat je vertoont is jou bekend en bepaald gedrag is jou onbekend. Dit onbekende gedrag wordt wel een blinde vlek genoemd. De grootte van de blinde vlek is per persoon en per gedraging verschillend. Pas wanneer iemand bewust is van het eigen gedrag, kan een verandering van het gedrag plaatsvinden. Bewustwording is het uiteindelijke resultaat van drie factoren:

1. Kennis
2. Risicoperceptie
3. Aanleiding tot actie

Het is dus van belang om inzicht te krijgen in de eigen gedragingen en de eventuele blinde vlekken helder te krijgen. Dit kan gerealiseerd worden door enerzijds je kennis te vergroten en anderzijds zelfreflectie toe te passen en feedback van anderen te vragen. Door het krijgen van feedback hou jij jezelf een spiegel voor. Je ontdekt wellicht gedrag wat eerder onbekend voor je was.

Laag 2: Willen veranderen
In de eerste laag van de piramide lag de prioriteit op het creëren van bewustzijn. Wanneer een persoon bewust is van het eigen gedrag, kan gedragsverandering plaatsvinden. Er is echter geen gedragsverandering mogelijk wanneer iemand niet wil veranderen. In de tweede laag van de piramide ligt de nadruk daarom op het stimuleren van de intentie om te veranderen. Hoe gemotiveerd is een deelnemer om te veranderen? Hoe is de houding ten opzichte van een veranderingsproces?

De theorie van gepland gedrag (Azjen) stelt dat de intentie om te willen veranderen afhankelijk is van drie verschillende factoren:

1. Houding
2.
Social invloed
3.
Eigen effectiviteit

Wanneer de bovenstaande factoren op de juiste manier worden ingericht, dan is de kans groot dat de gewenste gedraging uitgevoerd wordt. De intentie om gedrag te veranderen lijkt de beste indicator te zijn voor daadwerkelijke gedragsverandering.
“Willen veranderen” is meer dan alleen de intentie om te veranderen. Een duurzame gedragsverandering is mede afhankelijk van de motivatie om het gedrag te blijven vertonen.

Volgens de zelfbeschikkingstheorie kan er onderscheid gemaakt worden tussen intrinsieke en extrinsieke motivatie. In eerste instantie kan een persoon denken dat intrinsieke motivatie “beter” is dan extrinsieke motivatie. Motivatie laat zich echter niet makkelijk vangen in een zwart-wit principe, maar kan beter aan de hand van een continuüm worden weergegeven, waarbij intrinsieke en extrinsieke motivatie allebei van belang zijn.

Laag 3: Kunnen veranderen
Bewust zijn van het eigen gedrag en de intentie en motivatie hebben om te veranderen is niet genoeg om daadwerkelijk gedragsverandering te bewerkstelligen. Tussen de wil om te veranderen en de gedragsverandering kan nog een hoop gebeuren. Bepaalde vaardigheden kunnen helpen bij de gedragsverandering, of juist in de weg staan. Aan de andere kant zijn er barrières die ervoor kunnen zorgen dat gedragsverandering wordt bemoeilijkt. Het stimuleren van bepaalde vaardigheden en het wegnemen van bepaalde barrières kan ervoor zorgen dat iemand daadwerkelijk kan veranderen.

1. Barrières en support
2. 
Kennis en vaardigheden 
3. 
Plannen en doelen

Zodra een deelnemer bewust is van het eigen gedrag, kan het proces van gedragsverandering starten. Een voorwaarde hiervoor is dat er daadwerkelijk de mogelijkheid is om te veranderen. Wanneer er geen omgeving is waarin verandering mogelijk is, kan gedragsverandering niet optreden. Het doel in deze laag van de piramide is daarom het creëren van deze omgeving. Vervolgens kan de deelnemer tot actie overgaan.

Laag 4: Verandering activeren
Nadat de plannen zijn uitgewerkt is de voorbereiding klaar. De actiefase gaat nu van start, de deelnemer gaat daadwerkelijk bezig met het veranderen van het ongewenste gedrag. Deze fase vereist veel toewijding en doorzettingsvermogen. Om de doelen te realiseren is tijd en energie noodzakelijk. Als iemand in deze fase terecht komt, wordt dat vaak opgemerkt in de directe omgeving van deze persoon. Ondersteuning vanuit deze omgeving is cruciaal om het proces door te laten lopen. De grootste valkuilen in deze fase zijn:

1. Het verlies van motivatie
Wanneer een persoon tot actie is overgegaan en gemotiveerd aan de slag gaat, dan vallen de puzzelstukjes op zijn plaats. Het is echter geen eindstation, er kunnen dingen anders lopen dan verwacht. Het verlies van motivatie licht op de loer. In de tweede laag van de Gedragspiramide (willen veranderen) werd motivatie als begrip besproken. Het ging daarbij vooral om te achterhalen hoe gemotiveerd een deelnemer is. Deze informatie is echter ook te gebruiken om de deelnemer te motiveren. Je weet op welke knoppen je moet drukken om de gedragsverandering gaande te houden.

2. De omgeving
In de tweede laag van de Gedragspiramide (willen veranderen) heb je kunnen lezen dat de omgeving invloed heeft op de intentie om te veranderen. Als het verandertraject op gang is kan de invloed ook weer vanuit de omgeving komen. In de gedragslessen spreken we dan over saboteurs. Mensen in de omgeving die zien dat een persoon tot gedragsverandering over is gegaan en dat bewust of onbewust saboteren.

3. Prioriteiten
Het kan zijn dat de motivatie om te veranderen en de omgeving om te veranderen in orde zijn, maar dat er geen prioriteit is. Een persoon gaat tot actie over, maar dit is niet consistent genoeg om een echte verandering om gang te brengen. Er wordt beweerd dat er geen tijd voor is, terwijl het vaak een kwestie van geen prioriteit is.

Laag 5: Herhalen van actie
De toewijding tot het doel is er en er wordt tijd en energie in het proces gestoken. Het gaat in de bovenste laag van de piramide om het onderhouden van wat tot dan toe is opgebouwd en de gewoontes constant te versterken, zodat de acties uiteindelijk onbewust bekwaam worden uitgevoerd. Dit heeft alles te maken met herhaling van de actie.

De eerdere piramide lagen worden niet doorlopen om vervolgens bij één laag te eindigen. Het blijft een doorlopend proces en terugvallen naar een eerdere laag hoort daarbij. De terugval leent zich uitermate goed om van te leren. De persoon in deze fase heeft ondersteuning nodig om niet terug te vallen in een eerdere fase. Zie een terugval niet als falen maar als een leermoment. Wanneer je nooit een terugval hebt, weet je ook niet wanneer je piekt.

Of je nu wel of geen succes hebt met het veranderen van je lifestyle heeft te maken met de manier waarop je omgaat met een terugval naar een eerdere fase. Als je van tevoren weet dat je gaat terugvallen en herkent wanneer dit gebeurt en in welke fase je zit, is het ook gemakkelijker om je er op voor te bereiden en een oplossing voorhanden te hebben. Terugvallen zijn geen probleem maar onderdeel van het proces. Accepteer ze en bied jezelf oplossingen.

Conclusie
Gedrag vormt de basis van onze holistische, integrale en biopsychosociale aanpak. Het gedrag van de mens wordt bepaald door erfelijke factoren en leerprocessen en veroorzaakt door in- en uitwendige factoren. We kunnen invloed uitoefenen op ongewenst gedrag en dit gedrag vormen naar gewenst gedrag. De gedragspiramide en de inhoud daarvan geeft hier sturing aan welke je leert in de opleiding tot Personal Body Coach.

Volg je Personal Body Plan en wil je ook coach worden?

Maak van je passie je beroep met onze opleidingen